BUTOHdansvoorstelling in het Muziektheater te Amsterdam

KAGEMI. Uigevoerd door Sankai Juku o.l.v. Ushio Amagatsu

 

Inleiding:

Van harte welkom bij deze buitengewone voorstelling van Sankai Juku, o.l.v. Ushio Amagatsu.

Ik ben Mieke Verhooren, ooit in de ban geraakt van Butoh Ik vind het dan ook heel bijzonder de voorstelling bij u te mogen inleiden.

 

Achtergrondinformatie Japan:

Om Butoh te begrijpen is het belangrijk iets te weten van de politieke en culturele achtergronden van Japan.

Een mythologisch verhaal vertelt het volgende:

Het Japanse Shintogeloof schrijft de schepping toe aan de goden en verkondigt dat de keizerlijke familie afstamt van Amaterasu, de zonnegodin; de enige overlevende van het continent MU; de hof van Eden.

In het begin der tijden zweefden de geesten boven de woeste leegte van een wereld zonder eind. Het allereerste godenpaar ontdekte de oceaan toen ze een lans in de duisternis beneden hen staken. De druppels die terugvielen vormden 4 grote eilanden; de kleine ontstonden uit het schuim.

Om de duisternis te verdrijven nodigden de geesten de allerbekoorlijkste zonnegodin Amaterasu uit. Zij schonk de eilanden vervolgens aan haar rechtstreekse afstammeling Jimmu. En zo werd hij de eerste keizer en stamvader van een geslacht dat nooit zou uitsterven.

Later noemde de chinezen dit land in het oosten: Nihon of Nippon: Het land van de rijzende zon. Of, volgens de Japanners: Oorsprong van het Licht.

De bevolking is het resultaat van diverse volksverhuizingen die vanuit het gebied van de Grote Oceaan en vanuit het vaste land op gang kwamen. Eenvoudig voorgesteld is de bevolking ontstaan uit 2 grote migratiestromingen, waarvan de een uit het noorden kwam en de andere uit het zuiden. Enerzijds kwamen er verschillende migratiegolven uit China en Korea. Anderzijds vond er immigratie plaats vanuit Zuidoost-Azie en de eilanden in de Grote Oceaan. In deze meervoudig gelede achtergrond zou de verklaring van de Japanse psyche en cultuur gezocht moeten worden. De mythologie met zijn vele goden en het belang dat aan vrouwen toegekend wordt verwijst naar zuidelijke beschavingen, terwijl het sjamanisme sterk aan de Mongoolse wereld doet denken. Voorliefde voor de zee, goklust, hang naar fysieke geneugten, levensvreugde en een zekere losheid van zeden zou men zuidelijke karaktertrekken kunnen noemen. De hang naar orde, voorliefde voor wapens en oorlogszuchtige neigingen zijn meer noordelijke trekken.

Het lijkt een verklaring voor de ambivalente en soms verwarrende mentaliteit van de Japanners, die beurtelings oproerig en onderworpen, goedlachs en meedogenloos kunnen zijn. Desalniettemin is er sprake van een uniforme bevolking waarvan de homogeniteit door het ge•soleerde bestaan bevorderd werd. Nog altijd is er een paniekerige angst voor de Gaijin; de mens van buiten.

In de doorgaans agrarische samenleving werd veel aandacht en energie gestopt in het naleven van rituelen; voortgekomen uit het Shinto•sme (de weg der Goden; de KamiŐs. Het veilige gevoel verbonden te zijn met de heerlijke natuur en het vaderland )en het Boeddhisme.

Ook echter kent Japan jaren van grote turbulentie. De wisseling van keizerrijke periodes naar dictatuur; de Meiji-revolutie; de Chinese oorlog; de Eerste en tweede oorlog waarin de verrassingsaanval op de Amerikaanse vlootbasis Pearl- Harbor; de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki. De capitulatie .

Ingrijpende oorlogsjaren met de daarbij behorende traumatische ervaringen en de economische afbraak.

In 1952 is er sprake van een succesvolle wederopbouw en komt er meer samenwerking met Amerika. Dit zou je kunnen beschouwen als het begin van de consumptiemaatschappij en de grote invloed van Westers gedachtegoed.

De invloed van Amerika en het Westen hadden grote gevolgen voor de maatschappij. Het Japanse volk moest de vijand tot vriend verklaren en veel van diens gewoonten en overtuigingen integreren in de eigen identiteit. Dat riep bij velen conflicten op en bracht mensen in opstand. Zo ontstond vooral bij kunstenaars een groep avant-gardisten die zich tegen de ontwikkelingen verzetten en regels en wetten naar hun eigen hand zetten.

Zij waren niet ge•nteresseerd in een zorgvuldig geconstrueerd werk. Zij wilden vooral overleven als kunstenaar en kost wat kost zichzelf tot uitdrukking brengen

Ook in de danswereld van Japan kwamen nieuwe ontwikkelingen; vooral be•nvloed door de moderne dansopvattingen die uit Duitsland kwamen. Daar ,was Mary Wigman de voorloopster van de expressionistische dans, waarmee ze tegen de traditionele orde inging en zich overgaf aan haar innerlijke impulsen tot beweging die vooral heksachtig en dierlijk waren. Hiermee had zij direct aansluiting bij de mensen die Butoh in de wereld brachten.

 

De geboorte van Butoh:

 

Voor de oorlog was er sprake van 2 belangrijke typen van dans:

Vanuit de moderne dans kwam het idee dat dans een creatieve interactie kan zijn tussen vorm en inhoud. Een van de mensen die hiernaar op zoek was, was Baku Ishii; een danser in Japan. Hij probeerde nieuwe vormen en concepten uit. Een aantal van zijn leerlingen werden hierdoor zeer gestimuleerd en zouden later de grondleggers worden voor de Ankoku-Butoh-beweging.

In de meest turbulente jaren van Japan; de jaren Ő60 ontstond deze beweging als reactie op de vervreemding en verwesterlijking van de Japanse identiteit. De groep verzette zich tegen de Amerikaanse invloeden in Japan en tegen het westerse idee van schoonheid en het lichaam.

De dansers en ook vele andere kunstenaars waaronder muzikanten, schrijvers en beeldend kunstenaars, ontwikkelden zich in een tijd van revolutie en de performances die zij toonden hadden veel weg van grote happenings.

Dans was voor hen een intense manier van leven. Zij wilden niet spreken via het lichaam , maar lieten het lichaam voor zichzelf spreken

Grondleggers Tatsumi Hijikata en Kazuo Ohno grepen daarvoor niet terug naar de traditionele dans, maar gingen op zoek naar een vorm van pure expressie; weg van de westerse dansvormen, terug naar de oorspronkelijke / huidige staat van het universele lichaam.

Tatsumi Hijikata noemde zijn dans: Ankoku Butoh: de dans van de duisternis. Daarmee gaf hij uitdrukking aan de inhoud van zijn dans die gebaseerd was op de schaduwkanten van het leven waardoor hij vele taboes in het licht zette.


 

De belangrijkste grondleggers:

Tatsumi Hijikata: de architect van Butoh

 

Tatsumi Hijikata werd geboren op 9 maart 1928 in Asahikawa; een dorp dat behoorde tot de stad Akita in de regio Tohoku. Tot aan zijn kunstenaarsschap heette hij: Yoneyama Kunio.

Hij was het negende kind in een gezin van 11 en ofschoon verwend door al zijn zusters, ook een eenzaam kind dat erg op zichzelf was aangewezen en gelaten zijn omgeving waarnam.

Zijn ouders waren niet onbemiddeld; echter wel problematisch. De dronkenschap van zijn vader zorgde voor stelselmatige geweldsscŹnes in huis, waarbij woede uitbarstingen veel leed veroorzaakten in de familie. Zijn moeder beschrijft hij als warmhartig; onaanspreekbaar en zo onopvallend bij haar werk, dat haar aan of afwezigheid nauwelijks merkbaar was.Ook had Hijikata al vroeg te maken met de dood van zijn 3 broers en zijn zus

In zijn expressie neemt het leven uit zijn kinderjaren een belangrijke plaats in. Zijn herinneringen zijn een wezenlijke inspiratiebron voor zijn dansen.

De geweldsscŹnes in huis hebben hem erg be•nvloed en verklaren misschien zijn voorliefde voor geweld en destructie. De donkerte van zijn kinderjaren zaten verweven in zijn dansstukken en toonden de schaduwkanten van zijn leven Hij zocht hiervoor inspiratie bij schrijvers als: de Sade, Genet en Artaud. Door deze, uit lagere driften bestaande beelden van de mens te gebruiken,shockeerde hij het publiek met de confrontaties van verboden gebieden als: homoseksualiteit; het geweld; het verval en de dood .Kortom de donkerte van het menselijk bestaan. Door in deze lagen van zijn innerlijk te duiken maakte hij echter zijn lichaam vrij, dat rebelleerde tegen de hem aangedane ervaringen en de onderdrukking van zijn oorspronkelijke natuur.

In dit reinigingsritueel maakten hij gebruik van archetypische beelden en houdingen en kwam uiteindelijk tot een proces van metamorfose die hij tot zijn methode maakte. In tegenstelling tot de traditionele dansen maakte hij gebruik van beelden die hij ontleende aan schilderijen; beelden; maar ook natuurverschijnselen en fantasiedieren en figuren als monsters en goden

Daarbij ging het niet zo zeer om de vorm, maar om in het lichaam de energie aan te spreken die bij de beleving en verbeelding van dit beeld past. De beweging was een Worden ; een groeien naar de vorm. Je zou kunnen zeggen dat het subjectieve lichaam tot object wordt. Hijikata werd dan ook beschouwd als de architect van Butoh. In zijn lessen was hij voortdurend verbaal bezig; hij riep woorden; zinnen; gaf suggesties voor beelden en fantasie‘n en daarop moesten zijn leerlingen de vorm zoeken en vinden. Hieruit ontstonden de z.g. KataŐs; bewegingszinnen.

De manier waarop hij zijn dans ontwikkelde en de stijlmiddelen die hij daarbij gebruikte maakte Butoh tot een totaal andere en unieke manier om te dansen en naar dans te kijken.

Was zijn werk in Japan provocerend; in Europa werd hij herhaaldelijk uitgenodigd voor zijn performance. Samen met Kazuo Ohno, die al bezig was met hetzelfde; zij het vanuit en andere invalshoek. Europa ontving hen graag. Misschien omdat daar al meer een cultuur was gecre‘erd waarin de belangstelling voor het lichaam was toegenomen. De psychologie van het lichaam was eerder onderzocht en beschreven door Wilhelm Reich. Later Alexander Lowen die zijn bio-energetica ontwikkelde en de mens benaderde via het lichaam.

In de danswereld waren Mary Wigman; Kurt Jooss; Harald Kreuzberg en later Pina Bausch op een vergelijkbare manier bezig een nieuwe benadering voor dans te ontwikkelen. Ik kom hier later nog op terug.


 

Kazuo Ohno: de ziel van Butoh

 

Wat Kazuo Ohno met Hijikata verbindt is het beroep op belevenissen uit de kinderjaren als bron van zijn dans. Kenmerkend hierin is voornamelijk zijn improvisatievermogen.

De inspiratie is vooral gekoppeld aan de herinneringen aan zijn moeder; een muzische, religieuze vrouw; die voor hem absolute overgave belichaamde.

OhnoŐs verleden is echter minder duidelijk in beeld vanwege het feit, dat hij zich meestal uitdrukte in droombeelden en zichzelf in een staat bracht van het embryo in het moederlichaam; verbonden met de kosmos. Zo ontstaat een afstand naar zijn eigen biografie, door universele fenomenen te beschrijven.

 

Ohno werd op 27 oktober 1906 geboren in Hokate in de zuidelijke punt van Hokkaido. Hij was de oudste zoon; had 8 zusters waarvan er een al jong overleed door een treinongeluk. Zijn moeder leerde hem ,door verhalen over geesten en het universum, ook deze ervaring naar een hoger plan te brengen. Zij was overtuigd Boeddhist (Amida Boeddha ) en bezocht veel de in de buurt gelegen christelijke kerk. Kazou Ohno liet zich dopen tot het christelijk geloof op 20 jarige leeftijd.

Wat betreft de dans is hij pas op latere leeftijd ge•nteresseerd geraakt. Enerzijds door de uitvoering van la Argentina; anderzijds door de invloed van Harald Kreuzberg. In zijn lessen en begeleiding ontdekte hij dat het in de moderne dans mogelijk was het innerlijk met de vorm te verbinden. Iets dat zeer belangrijk is voor de ontwikkelingen van Butoh .

Wat hem echter bleef storen was het technisch aspect van de dans. Hij voelde zich begrensd en beperkt hierdoor en koos steeds meer voor zijn eigen manier die was gebaseerd op pure improvisatie in het hier en nu.

Karakteristiek waren zijn hoofd en handbewegingen. Verder is er bij hem geen sprake van kataŐs zoals bij Hijikata. De samenwerking met hem bracht hem wel meer structuur en lichaamsbewustzijn die hij ;terwijl hij de processen in zijn lichaam volgde ,als een kosmisch gebeuren waarnam. Ohno trad vaak op in vrouwenkleren om het androgyne uit te drukken. Terwijl voor Hijikata het doorbreken van taboes een grote rol speelde, werd voor Ohno de androgynie tot metafoor voor de vereniging van man en vrouw. Niet vanwege de seksualiteit, maar veel meer als voorwaarde voor ontstaan van nieuw leven. Ook het doodsbesef en de geboorte als motor voor de levenswil werden belangrijke themaŐs in zijn dansen. Vooral de ervaring van het sterven van zijn moeder heeft hem in deze be•nvloed. Haar laatste woorden waren: In mijn lichaam zwemt een vis. Op deze woorden baseerden Ohno zijn dans. Want in de vis op de bodem van de zee, kan plotseling beweging komen door de turbulentie en de stroom van het water. Ofwel: het embryo in het moederlichaam dat zich voedt met de placenta en zo het nodige voedsel tot zich neemt.Zich wentelend en kerend in het vruchtwater.

Tot eind jaren Ő70 ontwikkelde Ohno dit beeld tot een kosmologisch geheel waarin het moederlichaam tot symbool werd van het totale universum en het ontstaan van nieuw leven daarin centraal stond .

Zijn taak als danser zag hij in het bewust worden van de samenhang van het leven en de daarbij behorende emoties als donkerheid, schuldgevoel; angst en verlangen, in beweging om te zetten. Hij nam hierdoor een uitzonderlijke positie in bij andere dansers. Sowieso door leeftijd, maar ook door de concentratie op de eigen ziel; persoonlijke herinneringen en emoties. Hij liet zich hierin weinig be•nvloeden door andere kunstenaars.

Voor Hijikata betekende OhnoŐs deelname aan zijn performances een welkome factor voor het compleet maken van zijn idee‘n. Kazuo Ohno leerde van Hijikata een kader te hebben; een raamwerk waarbinnen hij vrij, zonder restricties van een regisseur, kon improviseren.

Na diverse samenwerkingsprojecten scheidden echter hun wegen. Kazou Ohno ging verder met zijn zoon Yoshito Ohno . En Hijikata richtte zich meer en meer op groepen die hij les gaf. Hieruit ontstond de groep Dairakudakan. De groep waar ook Ushio Amagatsu toe behoorde.

 

Ook Kazuo Ohno hield zich bezig met lesgeven in zijn studio in Yokohama. Zijn lessen boden weinig structuur en boden ruimte om zelfonderzoek te doen en de eigen dans te cre‘ren. Het was vaak een meditatief gebeuren waarin veel stiltes en af en toe muziek de concentratie verhoogden .

Zijn methode heeft echter toch tot karakteristieke bewegingen geleid die standaard door hem werden gebruikt. De handen waarvan de vingers half open gestrekt op borsthoogte; of omhoog gericht; soms de handen naar binnen gekromd; veel hoofdbewegingen vaak omhoog gericht; de tegengestelde bewegingen van de romp; de soms snelle passen door de ruime.

Ondanks de tegenstelling tussen Hijikata;s vormgeving en OhnoŐs vrije improvisatie, zijn er ook een aantal overeenkomsten. Bv. in het gebruik van beelden als het beeld van het embryo in het moederlichaam; of de stap van een dode; het gebruik van personages.

Terwijl bij Hijikata het beeld gebruikt werd om de verbeelding aan te spreken en vorm te vinden, is het beeld bij Ohno uitgangspunt voor een eigen interpretatie en improvisatie.

Beide manieren van benaderen zijn echter belangrijk in Butoh en vele andere Butohdansers maakten gebruik van de 2 manieren.


 

Butoh in de Westerse danswereld:

 

Tijdens de ontwikkeling van de Ankoku Butohbeweging in Japan, waren er in verschillende delen van de wereld veranderingen bezig in de westerse danswereld. Met name in de moderne dans kwamen mensen, die het lichaam op een ander manier gingen benaderen en tot een ander dansvocabulair kwamen Voorlopers hierin zijn Mary Wigman; Kurt Jooss; Harald Kreuzberg en in onze tijd nog steeds Pina Bausch als de vertegenwoordigster van de Ausdrucktanz; de expressionistische dans in Duitsland.

Ook in Amerika New York, waar de Fluxus beweging bloeide en men contactimprovisatie introduceerde ,bracht nieuw bewegingsmateriaal aan het licht. Ontdekkers hiervan zijn o.a. Martha Graham, Cunningham; Laban.

Veel invloeden in deze veranderingen kwamen uit de transpersoonlijke psychologie en filosofie. Men ging anders kijken naar de mens . De dualistische visie ,die maakt dat lichaam en geest als 2 afzonderlijke delen functioneren, werd opgeheven. Er kwam een holistisch mensbeeld dat de zienswijze op mens zijn een ander perspectief gaf. Daardoor kwam ook het inzicht dat er eenheid is tussen lichaam en geest en dat dit zorgt voor een evenwichtige balans in het leven.

Dit werden dan ook belangrijke aandachtspunten in de dansopleidingen en ontwikkelingen.

Het gronden werd belangrijk. Het gebruik van adem en energie; van overgave aan de zwaartekracht ; gebruik maken van de lichaamsimpulsen. Hieruit ontstond al de meer vrije dansexpressie en performancekunst.

Ingredi‘nten die terug te vinden zijn in de Butoh; echter geen Butoh zijn.

Omdat Butoh niet te defini‘ren is, blijft het moeilijk het een plaats te geven binnen de danswereld. Ook wordt het door sommigen niet als dans benoemd.

Butoh heeft het meeste raakvlakken met performancekunst en theater, vanwege het totaalkarakter en de expressie.

Wel zie je in de danswereld dat elementen uit de Butoh opgenomen worden in de moderne dans. Ik denk aan het energetisch lichaamswerk; ademhaling en ontspanningstechnieken , visualisaties; het gebruik van een lage grondpositie.

Oosterse en Westerse opvattingen komen tot een synthese. Hijikata en Ohno hebben veel westerse opvattingen meegenomen in de ontwikkeling van hun dans.

Met het ge•ntegreerde gedachtegoed zien we een scala aan genres van performance overal ter wereld. Niet alles is gericht op theaterperformance. Veel performers onderzoeken theater en rituelen als middelen voor spirituele groei. En in veel vormen van hedendaagse dans zien we het gebruik van de oosterse benadering terug. Het Uitgangspunt van Geen Vorm – Geen Willen is vaak basis om in contact te komen met de oorspronkelijke staat van het lichaam .

Men wil vastgeroeste patronen doorbreken; zoeken naar de oorsprong; naar de natuurlijke staat van Zijn. Er is behoefte aan echt zijn.

Butoh is een transformatie manier om te zien en in de wereld te zijn.

Om in contact te komen met de spontaniteit van het lichaam en de beleving aan te raken wordt het lichaam vaker in een staat van crisis gebracht. De veiligheid van het lichaam riskeren zodat direct iets beleefd kan zijn. Zoals de groep Sankai Juku met de voeten hangend aan touwen boven de straten van Parijs of boven het water.

Het vertragen van de beweging cre‘ert voor het publiek en de performer een getransformeerde relatie met tijd en een staat van bewustzijn die lijkt op trance en meditatie. Het nodigt het publiek uit anders te kijken, te denken en te zijn.

Als je dieper in de westerse cultuur graaft zijn er veel raakvlakken met Butoh en kun je spreken van een synthese van oost en west..

Voorbeelden hiervan zijn: Euthonie en Euritmie van de antroposoof Rudolf Steiner; De Alexandertechniek; de Williams techniek; Feldenkreis; Gabrielle Roth met de vijf ritmes; bio danza; oerdansen. Genres waarin het gaat om Hier en Nu zijn; vanuit het vormloze naar beweging van binnenuit; van grof naar fijnestoffelijk; van het materi‘le lichaam naar het etherische en energetisch lichaam. Het lijkt een transformatie van alle energielagen in het lichaam waardoor een andere staat van bewustzijn mogelijk is.

Vergelijkbaar met Mu: de leegte of het lege lichaam in Butoh: geen identificatie met de vorm.


 

De betekenis van Butoh voor de wereld.

 

Om de betekenis van Butoh voor de wereld te kunnen beschrijven is het belangrijk mijzelf de volgende vraag te stellen:

Waarom noem ik wat ik doe Butoh?

Ik ben geen Japanner; heb ook niet direct de behoefte Japan te gaan bezoeken. Doet het er źberhaupt iets toe hoe ik iets noem? Voor mezelf; voor anderen?

Dat wat mij aantrekt in Butoh zijn dingen die anders zijn dan in andere performance en theatervormen.

Butoh is niet alleen dans; Butoh is niet alleen theater ; Butoh is geen danstechniek.

Butoh is een manier om naar de wereld te kijken. Zeker nu; in onze huidige snelle - en op productie en resultaten gerichte consumptie maatschappij, waarin steeds meer techniek en virtuele werkelijkheden ons afhouden van onze oorspronkelijk staat van mens zijn.

Butoh onthaast; ontspant; het bevrijd je van egogerichte concepten en structuren en maakt plaats voor een open mind en open houding naar de wereld. Het maakt het onzichtbare zichtbaar.

Misschien is Butoh simpelweg een woord om de herontdekking te beschrijven van iets dat duizenden jaren eerder al bestond. Net zo radicaal als het Boeddhisme dat zegt: Ik besta niet – Ik ben een illusie. En toch ben ik hier en wat doe ik met die wetenschap?

Butoh onderzoekt wat het betekent ge•ncarneerd te zijn in een lichaam; het onderzoekt de relatie tussen lichaam , geest, bewustzijn en energie. Door deze zoektocht vinden we onze ware natuur en kunnen we de vrijheid en de volheid van de leegte ervaren die ons in het licht van ons bestaan zetten.

 

Daarom doe ik Butoh.

 

 

Oefening met de hand:

Maak een gesloten vuist en open hem in een traag tempo, terwijl u zich voorstelt dat er in uw hand een ballon opgeblazen wordt .Geef aandacht aan wat er in de hand gebeurt

Ong. 2 min.


 

Ushio Amagatsu en Sankai Juku.

 

Eind jaren Ő80 was ik een van de deelnemers aan de Butoh workshop in Brussel.. Daar ontmoette ik voor de eerste keer Ushio Amagatsu. Ik herinner me hem als een kleine man met felle scherpe blik en weinig spraakzaam. Sprak hij wel, dan was het Japans of Frans dat ik beiden niet kon verstaan.Echter zijn lichaamstaal en expressie waren zeer duidelijk en de opdrachten begreep ik.

Het waren vooral veel oefeningen om te leren vallen in de zwaartekracht; te werken vanuit het bekken; concentratieoefeningen. Alles zonder directe vorm en zonder muziek, zodat je echt vanuit de eigen energie en kracht tot beweging kwam.

Tijdens een van de opdrachten, werkten we met een ongekookt ei. Het was de bedoeling om het ei op zijn ronde kant rechtop te laten staan. Het leek een onmogelijke opdracht.

Toch bleef, nadat ik enige tijd met het ei in mijn handen had gezeten en mijn aandacht er volledig op gefocust was, mijn ei zomaar staan; rechtop.

Verbaasd als ik was keek ik om me heen enÉ. waar ik ook keek: alle eieren vielen steeds weer om.

Ik kon het bijna niet geloven dat mijn ei bleef staan en ook Ushio Amagatsu was blijkbaar niet overtuigd. Op handen en knie‘n kruipend onderzocht een van zijn assistenten grondig mijn plek. Maar er bleek geen aanleiding om te reageren; zowel niet positief als negatief. Ik bleef me onzeker voelen en heb het daarna nooit meer geprobeerd.

Later zag ik de voorstelling Unetsu : The Egg stands out of curiosity 1986; waarin een groot wit ei een belangrijk uitgangspunt en attribuut was. En begon ik de essentie en de symboliek van het ei te begrijpen.

 

Uitgangspunten:

Ik vertel deze anekdote om weer te geven waar het bij Amagatsu om gaat in Butoh.

Het belangrijkste uitgangspunt is een voortdurend zoeken naar evenwicht en balans tussen cultuur en natuur. De alledaagse werkelijkheid in al zijn vormen; het mysterie van het persoonlijke en het universele van het kosmische. Daarbij is er voortdurend sprake van een dialoog met de zwaartekracht; het verbinden van verschillen; het dierlijke en het menselijke; het louteren van het lichaam en de ziel van de geleden pijn die hoort bij mens zijn . Ofschoon niet ieders pijn gekend kan worden is er zoiets als een collectief bewustzijn waardoor de pijn in zijn algemeenheid herkend en beleefd kan worden en getransformeerd naar een ander niveau.

Ofschoon Ushio Ammagatsu opgeleid is in de klassieke en moderne dans heeft hij duidelijk gekozen voor Butoh. Ooit was hij leerling van Hijikata en was hij een van de dansers bij de groep Dairakudakan, o.l.v.Akaji Maro (1972).

In 1975 formeerde hij de groep Sankai Juku waarmee hij een geheel eigen manier van Butoh ontwikkelende. Hij verliet de conventionele intentie ; ontwikkelt Butoh in een sfeer van emotionele stilte en wereldberoemd Het lijkt of hij de enige is, die Butoh tot een zeer hoogstaande en gestroomlijnde vorm heeft kunnen verheffen.

Het samenspel tussen decor; belichting; kostuums, muziek en expressie geven een dusdanig betoverend schouwspel,dat het de toegang tot zijn magische wereld vergemakkelijkt.

In zijn voorstellingen is vaak sprake van een meditatieve sfeer; serene beelden van androgyne figuren. Maar ook de dynamiek van snelle hand en voetbewegingen. De scŹnes zouden op zichzelf kunnen staan; er is geen logica. Toch heeft het een met het ander te maken.Echter op een andere manier waarneembaar. Meer associatief dan logisch; meer zintuiglijk dan cognitief.

 

Kagemi: De voorstelling;

Kage = schaduw Mi = zien kijken en bekeken worden. Ofwel de spiegel.

Vanaf het moment dat de mens ontdekte dat hij zichzelf kon waarnemen in de spiegeling van het water,zijn er vanuit dit horizontale vlak verticale objecten gemaakt waarin de mens zijn beeltenis kon waarnemen. Blijkbaar heeft men behoefte aan kennis over het uiterlijk. Een menselijke neiging is om zich met dit beeld te identificeren. Dat betekent dat je maar een deel van jezelf daadwerkelijk kunt zien. Het andere blijft onzichtbaar. Het is de schaduwkant die niet in het licht en aan de oppervlakte komt. Om te weten wat er nog meer is dan de uiterlijke verschijningsvorm moet je achter de spiegel kijken en de schaduw onderzoeken als wezenlijk deel van het zelf. Carl Gustav Jung sprak in dit verband al over de schaduw in de personae en geeft weer dat er meer is dan je in eerste oogopslag kunt waarnemen.

In butoh is dit ook het gebied dat onderzocht wordt en tot expressie gebracht. Hijikata sprak hierover als zijn Ankoku butoh. Wat in de schaduw blijft zijn vaak kwaliteiten die we vanuit westerse opvattingen als lelijk en negatief beoordelen . Het zijn echter energetische krachten die ons als mens compleet maken, als we ze positief en constructief gebruiken .

In Kagemi lijkt het of we inderdaad achter de spiegelwanden kijken en in contact komen met grillige; dierlijke uitingen; de waanzin ;maar ook de schoonheid; het ontroerende; het magischeÉÉ

 

Wat gaat u zien?

Kagemi is een adembenemende voorstelling, waarvan het beginbeeld een magische wereld doet vermoeden. Het decor bestaat uit lotusbladeren en is gebaseerd op een beeld van de Ikebana kunstenaar Riho Senba. De androgyne figuren nemen u mee in een wereld waarin menselijke en dierlijke aspecten tot expressie komen en transformeren naar een etherisch, spiritueel niveau. Belangrijk zijn de kostuums; de muziek en de stiltes.

 

Choreografie                          Ushio Amagatsu

Muziek                                   Takashi Kako, Yoichiro Yoshikawa

Kostuums                              Masayo Iizuka

Decor en Lichtontwerp          Ushio Amagatsu

Dansers                                  Sankai Juku en Amagatsu

 

Afsluiting: Uitspraak Hijikata:

Butoh speelt met tijd; Butoh speelt met perspectief. Wanneer we alles eens zouden bekijken vanuit het perspectief van een dier; een plant; een kind of zelfs de dingen die we dagelijks gebruiken bv. de stoep waar we op lopenÉÉ..dan zouden we alles meer waarderen

 

Ik wens u een bijzondere voorstelling. Dank u wel voor uw aandacht

 

Bronvermelding:

 

 



Terug naar de site www.miekeverhooren.nl